Openingstheorie
Artikelen uit Damnieuws
Molimard, Springer, Ghestem, Keller, Kvo, Davidov, Korchow, Roozenburg, Half open klassiek, Klassiek, Hekstelling, Bronstring, Flankspel
Ergens in 1991 vatte Piet Lauwen het plan op een nieuw damblad op te zetten met 'Nieuws'. Daartoe wilde hij van mij een openingenrubriek. Het moest allemaal niet te diepgravend zijn. Dank zij Turbo Dambase was het sinds kort mogelijk stellingen met bepaalde kenmerken gemakkelijk bij elkaar te zoeken. Zelf was ik inmiddels ook een beetje terug gekomen van de gedachte openingen tot het einde uit te analyseren. Immers een opening zonder spel naderhand is geen opening, maar een complete partij en een strikt eenmalige gebeurtenis. Studie van iets eenmaligs heeft geen zin. Alleen openingen, die tot middenspel leiden, zijn de moeite van het bestuderen waard.
Diverse thema's kwamen in de loop der tijd aan de orde. Er zijn 21 afleveringen over Molimard, 29 over hekstelling resp. Bronstring hekstellingen, 13 half open klassiek, 11 lange vleugel opsluiting en Ghestem, 6 Rozenburg, 13 Keller, 14 randschijvenspel, 10 Springer, 7 korte vleugel opsluitingen en nog een handjevol diversen. Dit materiaal dreigt in de vergetelheid te geraken. Ook hebben zich inmiddels nieuwe inzichten voorgedaan. Het is de bedoeling om hier dit materiaal te ontsluiten en uit te breiden.
In de periode 1975/1987 heb ik voor de RDG Koerier een aantal studies gemaakt. Het vormde de basis voor mijn later werk. De korte vleugel opsluiting, Keller, Ghestem, aanvalsklassiek, etc. kwamen aan de orde. Relevante fragmenten worden toegevoegd aan de overeenkomstige latere studies uit damnieuws.
De molimard heeft mij altijd gefascineerd. Zowel omsingeling als aanval heb ik graag gespeeld, hoewel de aanval tegenwoordig steeds meer in diskrediet begint te raken. Vooral de Molimard uit de 1.32-28 20-24 opening wordt als nauwelijks speelbaar betiteld. Omgekeerd wanhopen theoretici aan kansen van de omsingelaar tegen de witte Molimard.
De
Springer opening staat te boek
als een een suffe opening. Maar er zijn een aantal scherpe
mogelijkheden. Handig om onvoorbereide tegenstanders in een
sneldamtoernooi te vloeren. Vooral het randschijvenspel heeft altijd een fatale aantrekkingskracht op mij gehad.
De Keller opening is genoemd naar een groot dammer, omdat hij als eerste op het idee kwam om op de vijfde zet 31-26 te spelen. De rest van de mogelijkheden zijn in zijn tijd nooit op het bord geweest. Het is duidelijk, dat de aanvaller verreweg de beste kansen heeft in dit systeem. Maar voor ras omsingelaars valt er leuk te counteren.
De
Ghestem doorstoot is een bekende
methode in het klassieke middenspel om de tempoproblematiek naar de hand te
zetten. Het is echter ook mogelijk vanaf het allereerste begin van de partij een
dergelijk opstelling op het bord te brengen en dan is de uitkomst minder gewis.
De laatste tijd mag de opening 1.32-28 17-22 2.28x17 12x21 zich
in een toenemende populariteit verheugen. Hoewel tegenwoordig ook veel
grootmeester de opening op repertoire hebben, staat hij te boek als
'voorzichtig'. Een voor de hand liggende methode om dit gebrek aan strijdlust af
te straffen lijkt de Korte vleugel opsluiting.
De opening 1.32-28 17-22 met randschijvenspel mag zich nog steeds
in grote populariteit verheugen. De eerste maal kwam hij op het bord tijdens de
partij Korchow - Weitsman tijdens het Russische
kampioenschap 1972. Na jaren van hobbyisme van enkelingen zien we een welhaast
dagelijks aanzwellende stroom partijen.
Piet Roozenburg kwam tegen Springer met een versterking in de
1.33-29 19-23 2.35-30 20-25 opening. Nog steeds
worden nieuwe mogelijkheden gevonden vooral in dit flankspel.
Wereldkampioen Chizhov toonde zich geen kenner, toen hij zich door de Pool Chmiel zomaar een schijf liet ontfutselen.
Het
halfopen klassiek is evenals de halve
hekstelling een in principe inferieur systeem, waarmee de sterkere speler zich
kansen probeert te scheppen. De omsingelaar accepteert een topzware lange
vleugel. in ruil voor kansen op de andere vleugel.
Hekstellingen
werden vroeger en worden nog steeds veel gespeeld. Sommige varianten bestaan al
meer dan veertig jaar. Andere komen pas in de laatste twintig jaar naar voren.
Evert Bronstring vond de onvoltooide variant uit. Deze en andere oude/nieuwe
systemen verdienen een nadere beschouwing.
Evert Bronstring was op slag beroemd, nadat
hij Tsjegoljew tijdens het tweede toernooi van RDG een schijf afhandig had
gemaakt in de onvoltooide hekstelling. Inmiddels zijn er een kleine duizend
partijen gespeeld in deze zgn. Bronstringhekstelling
met een reusachtige positieve score voor de zwartspelers.
Het klassiek
kent tal van theoretische varianten. Beroemd is de Sfinxvariant. Ton Sijbrands
was de grondlegger van diverse technieken om vanuit
klassieke standen de aanval te openen. In de jaren 1975-1987 ontstonden een
aantal studies voor de RDG Koerier, die het waard zijn aan de vergetelheid
ontrokken te worden.
Twee
remises met oud-wereldkampioen Koeperman. Gezien het ELO verschil van 300 punten
een betrekkelijk onwaarschijnlijke gebeurtenis. In de eerste partij was ik
degene, die zat te zweten. In de eerste partij kwam
flankspel op het bord. Hij deed het een beetje anders dan anderen.
Davidov
was niet de eerste zwartspeler, die de diagram 1 op het bord kreeg. Maar hij was
wel degene, die ermee een grootheid als Anatoli Gantwarg wist te vloeren.
Inmiddels is deze opening 662 keer op het bord geweest. Zelf geld ik als een
specialist in dit spelgenre. Het is niet eenvoudig voor de zwartspeler om de
boel rond te krijgen.