Maart 1993 schreef Alexander Baljakin voor de nationale toptraining een historisch verslag over de Rewoenets variant. Boris Rewoenets is een meester uit Kiev, die de ruil 22-28xx veelvuldig gespeeld en onderzocht heeft. Kenmerkend voor dit soort inspanningen van topgrootmeesters is, dat de betreffende openingen verder door niemand van de aanwezigen nog gespeeld worden. Openingen dienen m.i. het begin te zijn van een interessant en ongewoon middenspel met een groot aantal vertakkingen. Een studie, die het bewijs levert dat een opening beter is voor een van de spelers, kan hooguit een keer gebruikt worden alvorens de prullenbak in te kunnen.
Andreew,A.
- Rewoenets,B. URS-chC, 00-00-1985
1.33-29 17-22 2.39-33 11-17 3.44-39 6-11 4.50-44 1-6 5.32-28 16-21 6.31-26 19-23
7.28x19 14x23 8.35-30 10-14 9.30-24 22-28 10.33x22 17x28 11.26x17 11x22 12.38-33
20-25 13.24-20 15x24 14.29x20 14-19 15.20-15 5-10 16.42-38 6-11 17.37-31 10-14
18.31-26 11-16 19.41-37 16-21 20.26x17 12x21 21.46-41 8-12 22.48-42 7-11
23.37-31 21-27 24.41-37 2-7 25.40-35 11-17 26.44-40 17-21 27.33-29 7-11 28.31-26
11-17 29.38-33 28-32 30.37x28 23x32 31.43-38 32x43 32.49x38 19-23 33.42-37 14-20
34.15x24 25-30 0-2
Bij mijn voorbereidingen op de partij voor
de halve finale tegen Schuitema heb ik aandacht besteed aan de romantische
manoeuvre 9...22-28 10.33x22 18x27 11.29x18 20x29 12.34x23 13x22. Schuitema
heeft deze vreemde actie meerdere malen gespeeld. Tijdens mijn voorbereidingen
kwam ik er niet goed uit. De variant
13.38-33? 9-13 14.43-38 13-19 15.33-28 22x33 16.39x28 17-22 17.28x17 19x28
18.37-32 11x22 19.32x23 12-17 20.41-37 7-12 21.44-39 8-13 22.37-32 13-19
23.42-37 19x28 24.32x23 3-8 25.40-34 8-13 26.34-29 13-19 27.48-43 19x28 28.38-32
27x38 29.43x23 4-10 30.47-42 14-19 is een voorbeeld, waarin het allemaal nog
best goed komt voor zwart uit de partij Spieker - Schuitema.
Pas nu ontdek ik, dat Baljakin de manoeuvre weerlegt met 13.39-33! Zwart kan natuurlijk niet verdergaan met 9-13. Na 13.39-33 8-13 14.43-39 is de achterloop 14...13-19 verhinderd door 33-28x28 en 37-31. Op het aangewezen 14...13-18 blijft zwart zitten met een onaangename parti Bonnard. De enige zet, die openingstechnisch in aanmerking komt in diagram 2 is 12.38-33. Vroeg of laat moet zwart 20-25 spelen, waarop de ruil 24-20x20 tot spel voor beiden leidt. Rewoenets heeft 12.38-32 13-19 bestudeerd. Anderen hebben vooral aandacht besteed aan 12.37-31 en 12.40-35. Deze zetten leiden allemaal tot scherp en interessant spel, maar niet tot een 'middenspel'. Leuk voor eenmalig gebruik, maar ongeschikt als systeem. De voortzetting 12.40-35 is bijvoorbeeld gespeeld in:
Baljakin,A. -
Dibman,A. Kislovodsk, 26-09-1982
12.40-35 20-25 13.44-40 12-17 14.36-31 6-11 15.38-33 14-19 16.42-38 19x30
17.35x24 11-16 18.31-26 7-12 19.37-31 17-21 20.26x17 12x21 21.41-36 21-27
22.46-41 8-12 23.41-37 12-17 24.48-42 27-32 25.38x27 17-21 26.47-41 21x32
27.42-38 en zwart miste de oversteek 27...9-14 28.38x27 14-19 X.
Zoals iedere variant van de Keller blijkt de zwarte stand positioneel de voorkeur te verdienen. Hij moet dus waken tegen vervlakkende ruilen. Echter onder de ruil 12...20-25 13.24-19 13x24 14.29x20 15x24 15.33-29 24x33 16.37-32 komt hij niet goed uit, want alternatieven heeft zwart niet. Na 12...7-11 13.31-27 12-17 is de afwikkeling 14.24-19 13x24 15.31-27 pijnlijk. In de partij Kalis - van der Vorm werd 12...6-11 13.37-31 5-10 (Op 13...14-19 geeft Baljakin 14.31-27! aan) 14.40-35 20-25 15.31-27 22x31 16.33x22 18x27 17.29x18 12x23 18.24-19 13x24 19.34-30 X gespeeld.
Nikittsjoek
uit Oekraïne komt met 12.38-33 20-25 13.42-38 14-19? 14.38-32 19x30 15.40-35
12-17 16.35x24 8-12 17.36-31 17-21 18.34-30 op de proppen. Wederom kost het
enige tijd om te ontdekken, dat zwart inderdaad alleen met schijf 25 mag slaan.
18...23x34 19.32x23 18x20 20.33-29 en 31-26 X.
18...23x34 19.32x23 18x38 20.43x32 34x43 21.49x38 25x34 22.24-20 en 32-27 X.
Het moge eveneens duidelijk zijn, dat na 18...25x34 19.29x40 de voortzetting 19...22-27 verhinderd is door een slagje na. De poging 19...13-19 20.24x13 22-27 21.13x22 27x29 22.22x24 is het niet helemaal. Ook op 19...21-27 20.32x21 22-27 blijft zwart na 21.21x32 gewoon een schijfje achter. Bijgevolg staat zwart praktisch verloren.
De bezetting van veld 20 is belangrijk. Na 12.38-33 20-25 13.42-38 14-20 14.38-32 6-11 of 12-17 (Truus) staat zwart zeker niet minder. De volgende keer gaan we verder met de open Keller na 12...20-25 13.24-20.