De Kelleropening is het afgelopen jaar nauwelijks gespeeld. Vooral witspelers blijken het avontuur te bar te vinden. Tijdens de wedstrijd Lent - RDG/DIO kreeg ik de opening op het bord tegen Waldo Aliar. De volgende wedstrijd kreeg Arjan van Leeuwen precies dezelfde stelling op het bord. Later is de stand nog op het bord geweest tussen Georgiev en Watoetin. In alle drie de partijen ging het zwart niet voor de wind.

1.33-29 17-22 2.39-33 11-17 3.44-39 6-11 4.50-44 1-6 5.31-26 16-21 6.32-28 19-23 7.28x19 14x23 8.35-30 10-14 9.30-24 5-10 10.37-31 20-25 11.24-20 15x24 12.29x20 14-19 13.20-15 11-16 14.40-35 7-11 15.44-40 10-14 16.41-37 2-7 17.33-29 19-24 18.29x20 14-19 19.20-14 19x10 20.47-41 9-14 21.34-29 23x34 22.39x30 25x34 23.40x29 14-19 24.35-30 10-14 25.30-25 3-9 26.45-40 22-27 27.31x22 17x28 28.26x17 11x22 29.43-39 22-27 30.29-24 19x30

Elk van de witspelers volgde vanuit bovenstaand diagram het idee om met 20.47-41 de verzwakking van de zwarte lange vleugel 20...9-14 los te weken. Dat idee is in totaal 7 keer geprobeerd. Alleen onderstaande zwartspelers deden de verplichtende zet 29...22-27? Er is behoorlijk wat bekend over deze stand, omdat Arjan van Leeuwen gedachteloos een week later mijn scherma tegen Aliar kopieerde en opeens tot de ontdekking kwam, dat hij praktisch verloren stond. We hebben als teamgenoten vervolgens er alles aan gedaan om zout in de wonden te wrijven.

Luteijn,F. - Aliar,W. NLD-chT, 07-11-1992
 31.25x34 18-22 32.38-33 13-18 33.42-38 6-11 34.48-43 18-23 35.33-29 16-21 36.29x18 12x23 37.40-35 8-13 38.37-31 11-17 39.35-30 7-12 40.31-26 13-19 41.49-44 9-13 42.44-40 12-18 43.40-35 28-32 44.41-37 32x41 45.46x37 22-28 46.37-31 28-33 47.31x11 33x44 48.26x17 44-49 49.11-6 18-22 50.17x28 23x32 51.38x27 49x21 52.6-1 21-8 53.30-25 8-3 54.34-30 3-8 55.36-31 8-21 56.31-26 21-17 57.1-45 17-50 58.26-21 50-6 59.21-16 6-50 60.45-1 50-17 61.1-29 17-6 62.29-20 4-9 63.20-29 6-1 64.29-33 13-18 65.16-11 9-13 66.11-6 2-0 (2.45/3.00)

In diagram 2 zou zwart niet minder moeten staan, maar alle witspelers komen vrijwel vanzelf in het voordeel. Misschien heeft het iets te maken met de wat overhaaste bezetting door zwart van beide velden 27 en 28. Daardoor kan er druk worden uitgeoefend tegen schijf 28 en zijn er nogal wat zetjes.

Voor het handhaven van de aanval is de formatie 8,12,17 met de ruil 17-21x21 vaak van belang. Voor het overeind houden van schijf 28 moet je iets doen tegen de dreiging 34-29. Om schijf 28 te beschermen speelt Aliar 18-23 en beide anderen vertrouwden op de wending 27-31 (36x18) 12x45. In diagram 3 is de voortzetting  34...18-23 niet handig. Na 35.33-29 mag hij niet sluiten. Ook niet handig is 34...11-17 35.34-29 en de ruil 18-23x23 is verhinderd. Na 35...9-13 36.38-32 is het nog een heel werk om het stuk terug te winnen.

Voor een serieuze test van de waarde van de stand zou zwart in diagram 3 moeten beginnen met 34...9-13 35.37-31 18-23 36.33-29 12-18 37.40-35 11-17 38.38-33 17-21 39.35-30 14-19 en ik zie geen mogelijkheid om 40...21-26 blijvend tegen te houden. Wel krijgt wit voldoende tegenaanval. Bijvoorbeeld 40.49-44 21-26 42.44-40 26x37 43.41x21 16x27 44.40-35 en wit gaat er doorheen met 30-24x24 etc. 

Leeuwen,van,A. - Wanders,E. NLD-chT, 14-11-1992
31.25x34 6-11 32.38-33 18-22 33.42-38 13-19 34.48-43 8-13 35.34-30 13-18 36.37-31 11-17 37.31-26 7-11 38.40-34 9-13 39.30-25 16-21 40.34-30 11-16 41.49-44 27-32 42.38x27 21x32 43.33-29 16-21 44.44-40 21-27 45.40-35 19-23 46.39-34 13-19 47.29-24 23-29 48.34x23 18x20 49.15x13 28-33 50.41-37 32x41 51.36x47 27-32 52.30-24 14-19 53.13-9 19x30 54.35x24 4x13 55.24-20 32-38 56.43x32 33-39 57.20-15 39-44 58.15-10 12-18 59.32-27 22x31 60.26x37 18-23 61.10-4 13-19 62.4-15 23-28 63.15-42 44-49 64.25-20 49-27 65.20-15 27-4 66.42-38 4-36 67.38-49 19-24 68.49-44 17-22 69.44-49 22-27 70.49x16 36-4 71.16-11 2-0 (2.36/2.58)

Het belangrijkste verschil met mijn partij is, dat zwart zich heeft opgesteld met 13-19. Dat blijkt een aanmerkelijke versterking zeker als wit gedachteloos 34.48-43?? speelt. De zet 34.34-30 is grappig verhinderd door 28-32, 27-31 en 7-11x45, maar 34.40-35 is speelbaar omdat 34...19-24 35.34-30 14-19 faalt op 36.36-31 27x47 37.38-32 met een troosteloos eindspel.

De witte stelling in diagram 6 is om meerdere redenen verloren. Na 35.40-35 19-24 36.34-30 13-19 staat wit positioneel gekraakt. Alleen 35.38-32x32 biedt nog serieus tegenstand. Het gespeelde 35.34-30 faalt op de gemiste afwikkeling 35...14-20 36.15x24 13-18 37.24x13 27-32 38.38x27 22x42 39.13x22 28x17 40.41-37 42x31 41.36x27 12-18 en zwart wint het stuk met rente terug. In het partijverloop mist zwart ook nog het remisezetje 35...13-18 36.37-31 27-32 37.38x27 18-23 38.27x29 9-13 39.33x22 4-10 etc.

Wit heeft het links behoorlijk benauwd. Het gespeelde 30.30-25 heeft als bezwaar 30...16-21 31.41-37? 28-32 32.37x28 14-20 met doorbraak, zodat de oversteek naar 31 niet mogelijk is. De voortzetting 30.49-44 18-23 31.44-40 12-18 32.40-35 16-21 33.41-37 11-16 34.37-31 27-32 35.38x27 21x32 geeft de dreiging 17-21 minstens remise.

De tijdnoodfase kenmerkt zich door een groot aantal misgrepen. Met 43...22-27 kan zwart zich voldoende vrijheid van spelen verschaffen op de korte vleugel. Na 43...16-21 44.44-40? kan zwart winnen door 44...19-23 en 32-37x37. Aangewezen is 44.39-34. De afwikkeling 44...28-33 45.29x16 14-20 46.25x23 18x38 faalt op 47.26-21 en 36-31x43. Na 43...16-21 44.39-34 19-23 45.36-31 21-27 46.41-36 heeft zwart geen stand, zodat 44...21-27 of 44...22-27 45.44-40 met kansrijk spel voor wit aangewezen lijkt. Arjan was na afloop van de partij nog wit om de neus van de doorstane emoties niet echt blij meer met mijn 'voorbeeldpartij' tegen Aliar.

Georgiev,A. - Watoetin,E. Ishimbay, 15-05-1997
31.25x34 18-22 32.38-33 6-11 33.40-35 13-19 34.42-38 11-17 35.35-30 9-13 36.37-31 7-11 37.31-26 28-32 38.48-43 12-18 39.49-44 19-23 40.44-40 13-19 41.30-25 8-13 42.34-30 16-21 43.30-24 19x30 44.25x34 11-16 45.40-35 13-19 46.34-30 27-31 47.26x28 23x32 48.38x27 22x31 49.36x27 21x32 50.41-37 32x41 51.46x37 19-23 52.43-38 17-22 53.30-25 22-27 54.35-30 14-19 55.30-24 19x30 56.25x34 16-21 57.34-30 18-22 58.30-24 21-26 59.37-32 26-31 60.32x21 31-36 61.21-16 36-41 62.16-11 4-10 63.15x4 1-1

De zet 34.48-43 in mijn partij werd gespeeld om de druk te handhaven. Georgiev is kennelijk van mening, dat hij dat helemaal niet nodig heeft. En in de diagramstand gooit zwart direct de handdoek in de ring met 36...7-11.

Het uitsparen van 34.48-43 geeft op allerlei momenten verbeteringen voor wit. Hij is bijvoorbeeld op tijd met de oversteek 41-37-31. Het uitsparen van het tempo brengt wit ook een zet eerder in doorbraakpositie respectievelijk een betere verdediging van de lange vleugel: 36...12-18 37.33-29 9-13 38.38-33 19-23 39.49-44 17-21 40.44-40 14-19 41.40-35 21-26 42.30-24 26x37 43.41x21 16x27 44.48-42 19x30 45.35x24 geeft wit vrije doorloop, terwijl zwart er nog lang niet doorheen is. Zwart offert in de partij een schijf. In de laatste zet voor tijdnood mist wit de betere kans 50.30-24 19x30 51.35x24 X.

Vanuit diagram 1 luistert de witte opbouw nauwkeurig. Aangegeven werd dat 20.47-41 9-14 21.34-29 23x34 22.39x30 25x34 23.40x29 14-19 24.35-30 10-14 (diagram) 25.30-25 3-9 26.49-44? verliest door 26...21-27 gevolgd door 18-23x23 en 19-24 met een positioneel debacle. Wit moet er dus voor zorgen, dat veld veld 30 op tijd bereikt kan worden.

Een ander opbouwprobleem is 25.45-40 19-23 26.29-24 14-20 27.40-35 20x29 28.31-27 22x31 29.36x27 21x32 30.37x19 13x24 31.30x19 29-33 32.38x29 18-23 met belangrijk voordeel voor zwart.

Na 25.45-40 19-23 26.40-34 22-27 27.31x22 17x28 28.26x17 11x22 29.43-39 13-19 heeft wit een stuk te weinig op de korte vleugel om doorbraakdreigingen te produceren. In de laatste diagramstand uit de partij Luteijn - Aliar dreigt zwart met 28-33. Er is eigenlijk geen alternatief voor het gespeelde 29.43-39 en 29-24x34. Na 29.36-31? volgt 29...28-33 X. Op 39.40-35 19-23 40.29-24 kan zwart het ruiltje 28-33x34 overwegen met bevrijding van zijn stand. Echter ook dan ligt de actie (29.40-35) 22-27 meer voor de hand.